Orgelbouwnieuws: Enter, Hervormde Kerk

Het ORGEL | Jaargang 97 | (2001) | Nummer 4
Enter, Hervormde Kerk
[Orgelbouwnieuws uit de ORGELkrant 2001/04, april ]

enter.jpg (36516 bytes)Zoals in de vorige aflevering van De Orgelkrant al werdaangekondigd, is op 10 maart het nieuwe orgel van de Hervormde Kerk te Enter in gebruikgenomen. Het intrument is gebouwd door Mense Ruiter orgelmakers onder advies van StefTuinstra. Het snijwerk is vervaardigd door T.T. Top (Kruisweg) terwijl L. Muller(Zuidhorn) verantwoordelijk was voor het kleuradvies en het verguldwerk. Het schilderwerkis uitgevoerd door Schildersbedrijf Roessink (Enter). Het orgel wordt gevoed door tweespaanbalgen; de klaviatuur bevindt zich aan de achterzijde van het instrument.

De dispositie: Hoofdwerk (Manuaal I, C-f3): Bourdon 16, Prestant 8, Holpijp 8, Quint D6, Octaaf 4, Speelfluit 4, Nasard 3, Octaaf 2, Tertiaan 1 3/5, Mixtuur B/D IV, Cornet D IV(gereserveerd), Trompet B/D 8. Bovenwerk (Manuaal II, C-f3): Roerfluit 8, Viola di Gamba8, Unda maris 8, Prestant 4, Fluit 4, Speelfluit 2, Flageolet 1 (gereserveerd),Sesquialter II-III, Vox Humana 8 (gereserveerd), Tremulant (inliggend). Pedaal (C-d1):Subbas 16, Prestant 8, Bazuin 16, Trompet 8. Koppelingen HW-BW, Ped-HW, Ped-BW. Tremulantgehele werk. Winddruk: 71 mm wk. Toonhoogte: a1 = 440 Hz. Temperatuur: Neidhardt I.

 

Bron: Mense Ruiter Orgelmakers