In het recente nummer
door Jan Smelik |Het ORGEL |Jaargang 122 |(2026) |Nummer 1| Categorie In het recente nummerHet februarinummer 2026 (jaargang 122, nr. 1) opent met een artikel van Kees Weggelaar en Jan Smelik over de verhouding van componist en muziekcriticus Willem Pijper (1894-1947) tot het orgel. Hoewel Pijper geen orgelmuziek naliet, blijkt uit biografische gegevens en Pijpers recensies uit het interbellum hoe kritisch én betrokken hij zich tot het orgel en de orgelcultuur verhield.
In de column van Jos van der Kooy staat het begrip historische sensatie centraal: de persoonlijke en emotionele betrokkenheid bij geschiedenis en erfgoed, in het bijzonder bij historische orgels.
Verder bevat dit nummer een uitvoerig artikel van Martin Moree over Johan van Dommele, waarin diens composities, pedagogische betekenis en plaats binnen de Nederlandse kerkmuziek worden onderzocht. De vraag of ‘sober maar muzikaal’ ook als typering van zijn eigen oeuvre kan gelden, vormt daarbij een rode draad.
Frans Jespers spreekt met Wim Janssen, voormalig intonateur bij Verschueren Orgelbouw. Janssen beschrijft het vak van intoneren aan de hand van de metafoor van de dirigent. Auke H. Vlagsma vervolgt zijn reeks over Franse orgelfronten in de zeventiende eeuw.
In het artikel De kunst van het orgelonderwijs bespreekt Annemiek Zeldenrust een aantal orgelmethoden uit Nederland en Duitsland, geanalyseerd vanuit didactisch en muzikaal perspectief. Hans Fidom vraagt in de rubriek Orgelpark aandacht voor de cursus in het Orgelpark.
De rubriek Orgelbouwnieuws, samengesteld door Gerrit Hoving, behandelt restauratieprojecten in Helmond, Heythuysen, Kapelle en Oirschot. Daarnaast bevat het nummer een artikel van Sietze de Vries over het De Rijckere-orgel in de Sint-Augustinuskerk te Middelburg. Op de achterplaat vervolgt Frits Zwart zijn portret van Jan Hendrik Storm met het tweede deel van Storm in de toren en achter het orgel. Van alle markten thuis.
