In het recente nummer
door Jan Smelik |Het ORGEL |Jaargang 121 |(2025) |Nummer 3| Categorie In het recente nummerIn het augustusnummer staan twee thema’s centraal: de Franse orgelcultuur en de toekomst van de orgelcultuur in Nederland. Victor Timmer en Ton van Eck openen met “Petrus Veerkamp, een Friese orgelmaker in Franse dienst (1)”. Zij belichten daarin het leven en de loopbaan van deze orgelmaker in Nederland en Frankrijk.
Auke H. Vlagsma besteedt in zijn serie “Franse orgelfronten 1631-1690 (3)” aandacht aan het orgelfront in de Église Saint-Étienne-du-Mont in Parijs, dat ook op de cover staat afgebeeld. René Verwer behandelt het eerste deel van een tweeluik over de Franse organist Jean-Jacques Grunenwald, waarbij hij zich richt op diens leven.
Diverse bijdragen gaan over de toekomst van het orgel en de orgelcultuur in Nederland. Jan Smelik interviewt conservatoriumdocenten Jos van der Kooy en Pieter van Dijk over de stand van zaken in en de toekomst van het orgelonderwijs. Beide docenten gaan binnenkort met pensioen. Daarnaast bezocht de hoofdredacteur het symposium ter gelegenheid van het 70-jarig bestaan van het Flentrop-orgel in de Grote Kerk van Wageningen, waar gesproken werd over uitdagingen en kansen voor de Nederlandse orgelcultuur.
Verder brengt Geert Jan Pottjewijd een aantal Duitse orgelwebsites onder de aandacht die relevant zijn voor organologisch onderzoek. Dirk Bakker bespreekt de restauratie van het laatste orgel van orgelmaker(s) Timpe, dat zich in de Sint-Martinuskerk te Halsteren bevindt. Jaap Jan Steensma rapporteert over een onderzoek naar loodcorrosie. In zijn column “Het orgel als reisbureau” reflecteert Jos van der Kooy op de rol van reizen binnen de orgelcultuur. Peter Ouwerkerk geeft in ‘Orgel en media: oppassen!” vijf tips om het orgel positief in de media te presenteren.
Ibo Ortgies recenseert uitgebreid de dissertatie van Antje Becker over de ‘Schnitger-pioniers Paul Rubardt, Gustav Fock en Hans Henny Jahnn’. Bert den Hertog verzorgt de rubriek orgelbouwnieuws, met updates over projecten in Moordrecht, Scheveningen, Spijkenisse, Pernis en Zeist. Tot slot wijdt Frits Zwart zijn rubriek ‘Achterplaat’ aan Willem van Thienen.
