Schoonhoven, Oud-Katholieke Kerk
[Orgelbouwnieuws uit de ORGELkrant 2006-01 januari]

Op 10 juni werd het gerestaureerde orgel in de Oud-Katholieke Kerk te Schoonhoven weer in gebruik genomen.
Het instrument werd vermoedelijk rond 1890 vervaardigd door de firma Le Minitier en Gloton (Nantes). Dit type instrument (in feite een groot kistorgel met een afneembare windvoorziening) wordt in Frankrijk aangeduid als Orgue Polyphone.
Opmerkelijk is de toepassing van tuyaux d’orgues a notes multiples, een patent uit 1882 waardoor veel ruimte kon worden bespaard, want het maakte het mogelijk om met één pijp meer dan één toon te produceren. Zo worden bijvoorbeeld de tonen C, Cis en D van de Bourdon 8 door slechts één pijp voortgebracht. Waarschijnlijk werden deze polyphones vooral voor de missie gebouwd. Een aantal instrumenten kreeg echter een plaats in kerkgebouwen in Calais.
Het thans in Schoonhoven aanwezige orgel is ooit in de kloosterkapel van de Franse zusters van La Sagesse in Golden Green (Londen) geplaatst. Nadat dit klooster in 1970 werd gesloten, is het orgel geschonken aan Miss Juni Ellis. Vermoedelijk ging toen de originele windvoorziening, bestaande uit een magazijnbalg met daarbovenop twee schepbalgen, verloren.
In 1985 schonk zij het instrument aan ‘The Mount School’ (Londen) waarna de firma Andrew Carter (Lakefield) een restauratie
uitvoerde. Omdat men er nauwelijks gebruik van maakte besloot men in 1992 tot verkoop van het orgel.
Via T. Boersma kon het worden aangekocht door de parochie te Schoonhoven.
Bij de nu voltooide restauratie, onder advies van Jacob Spaans, is de kast waar nodig hersteld en vervolgens geheel in de was
gezet. De mechanieken zijn hersteld en in de oorspronkelijke vorm teruggebracht, waarbij de plastic geleidingen zijn vervangen door leren exemplaren. Waar nodig zijn veren en moeren vernieuwd. De winlade is geheel gerestaureerd waarbij op de massieve
dekplaat aan de bovenzijde van de lade leer is aangebracht.
Aan de onderzijde van de stokken zijn ringen aangebracht. De windvoorziening is gereconstrueerd met gebruikmaking van een originele historische windvoorziening uit een nagenoeg identiek instrument van dezelfde orgelmakers. De bescherming van de schepbalgen en de orgelbank zijn gekopieerd naar een vergelijkbaar orgel in de Jacobskerk te Den Haag.
Tenslotte is het pijpwerk schoongemaakt en waar nodig hersteld.

Manuaal
Bourdon D 16
Bourdon B 8
Flûte Harmonique D 8
Violon-Celle B/D 8
Voix-Célèste D 8
Flûte-Octav B/D 4
Trompette B/D 8

Winddruk: 80 mm wk.
Toonhoogte: a1 = 440 Hz bij 18°C.
Temperatuur: evenredig zwevend.
Het gehele orgel is in een zwelkast geplaatst die door middel van een kniehevel kan worden bediend. Door het draaien van de registerknoppen is een aantal combinatiemogelijkheden in te stellen.
Verder is er een knop voor een superoctaafkoppeling.
Het transponeerbare klavier heeft een omvang van 67 toetsen, maar de windlade heeft een omvang van C-g3; de functionele omvang blijft dus in alle gevallen 56 tonen.

Bron Hans van Rossum en Jacob Spaans