Middelharnis, huisorgel
[Orgelbouwnieuws uit de ORGELkrant 2005-10 oktober]

Op 1 oktober wordt het Van Vulpen-huisorgel voor de familie T.C. van Dieren te Middelharnis in gebruik genomen.
De kast van het instrument is van eiken en vervolgens geschilderd.
Het snijwerk en de labia van de frontpijpen zijn verguld.
De windvoorziening bestaat uit één spaanbalg en is in de kelder onder het orgel geplaatst.

Hoofdwerk (Manuaal II, C-f3)
Prestant 8 (C-H hout, vervolg metaal)
Holpijp 8
Octaaf 4
Roerfluit 4
Quint 3
Octaaf 2
Terts D 1 3/5
Onderpositief (Manuaal I, C-f3)
Roerfluit 8 (C-H gecombineerd met Holpijp)
Spitsfluit 4
Nasard 3
Fluit 2
Pedaal (C-f1)
Bourdon 16 (hout)

Koppelingen: Hoofdwerk-Onderpositief B/D, Pedaal-Hoofdwerk, Pedaal-Onderpositief.
Tremulant Onderpositief.
Winddruk: 48 mm wk.
Toonhoogte: a1 = 440 Hz.
Temperatuur: Neidhardt II.

Bron Orgelmakerij Gebr. van Vulpen