Krimpen aan den IJssel, Sebakerk (Gereformeerde Gemeente)
[Orgelbouwnieuws uit de ORGELkrant 2002/09, september]

Op 23 maart werd het nieuwe orgel van de Seba-kerk te Krimpen aan den IJssel in gebruik genomen. Het instrument is gebouwd door Hendriksen & Reitsma, onder advies van Jan Bonefaas, met gebruikmaking van kastdelen en pijpwerk van het voormalige Slooff-orgel (1978). Ook dit instrument was echter niet geheel nieuw, maar bevatte een aanzienlijke hoeveelheid pijpwerk uit het voormalige orgel van de St.-Josephkerk aan de Gouwe te Gouda (J.J. Elbertse, 1924).

De bestaande orgelkast voor Hoofdwerk en Pedaal werd verhoogd en verdiept; daarnaast werden extra velden aan de binnenzijden van de pedaaltorens aangebracht. De kast van het Rugpositief is eveneens verdiept en in zijn geheel omhooggebracht. Windladen, windvoorziening en mechanieken zijn geheel nieuw gemaakt. De gemerkte registers zijn geheel of gedeeltelijk afkomstig uit het bestaande orgel.
De dispositie: Hoofdwerk (Manuaal II, C-f3): Prestant 16, Octaaf 8*, Roerfluit 8, Viola 8*, Octaaf 4*, Fluit 4*, Quint 3*, Octaaf 2, Mixtuur III-V*, Cornet V*, Fagot 16*, Trompet 8*, Tremulant. Rugpositief (Manuaal I, C-f3): Prestant 8, Holpijp 8, Quintadeen 8, Prestant 4, Roerfluit 4, Nasard 3*, Woudfluit 2, Sesquialter II, Mixtuur II-III, Dulciaan 8, Tremulant. Pedaal (C-d1): Subbas 16, Zacht gedekt 16*, Octaaf 8*, Gedekt 8, Roerquint 6, Octaaf 4, Bazuin 16, Schalmey 4. Koppelingen: Hoofdwerk-Rugpositief, Pedaal-Hoofdwerk, Pedaal-Rugpositief. Winddruk: Hoofdwerk en Rugpositief 76 mm wk., Pedaal 80 mm wk. Toonhoogte: a1 = 440 Hz. Temperatuur: evenredig zwevend. 
Bron: Hendriksen & Reitsma