Enter, Hervormde Kerk
[Orgelbouwnieuws uit de ORGELkrant 2001/04, april ]

enter.jpg (36516 bytes)Zoals in de vorige aflevering van De Orgelkrant al werd aangekondigd, is op 10 maart het nieuwe orgel van de Hervormde Kerk te Enter in gebruik genomen. Het intrument is gebouwd door Mense Ruiter orgelmakers onder advies van Stef Tuinstra. Het snijwerk is vervaardigd door T.T. Top (Kruisweg) terwijl L. Muller (Zuidhorn) verantwoordelijk was voor het kleuradvies en het verguldwerk. Het schilderwerk is uitgevoerd door Schildersbedrijf Roessink (Enter). Het orgel wordt gevoed door twee spaanbalgen; de klaviatuur bevindt zich aan de achterzijde van het instrument.

De dispositie: Hoofdwerk (Manuaal I, C-f3): Bourdon 16, Prestant 8, Holpijp 8, Quint D 6, Octaaf 4, Speelfluit 4, Nasard 3, Octaaf 2, Tertiaan 1 3/5, Mixtuur B/D IV, Cornet D IV (gereserveerd), Trompet B/D 8. Bovenwerk (Manuaal II, C-f3): Roerfluit 8, Viola di Gamba 8, Unda maris 8, Prestant 4, Fluit 4, Speelfluit 2, Flageolet 1 (gereserveerd), Sesquialter II-III, Vox Humana 8 (gereserveerd), Tremulant (inliggend). Pedaal (C-d1): Subbas 16, Prestant 8, Bazuin 16, Trompet 8. Koppelingen HW-BW, Ped-HW, Ped-BW. Tremulant gehele werk. Winddruk: 71 mm wk. Toonhoogte: a1 = 440 Hz. Temperatuur: Neidhardt I.

 

Bron: Mense Ruiter Orgelmakers