Steenwijk, Doopsgezinde Kerk
[Orgelbouwnieuws uit de ORGELkrant 1999/7-8, juli-augustus]

steenwijk-doopsgez.jpg (15186 bytes) Op 28 mei werd het Bakker & Timmenga-orgel in de Doopsgezinde Kerk te Steenwijk weer in gebruik genomen. Het ruim 100 jaar oude instrument onderging in de afgelopen maanden algeheel technisch herstel en een windlade-restauratie, uitgevoerd door Orgelmakerij Bakker & Timmenga onder advies van Jan Jongepier. Bij de bouw van dit orgel behield men het front van het reeds aanwezige orgel, dat omstreeks 1750 moet zijn gemaakt. Over de oorspronkelijke herkomst en de maker hiervan zijn maar weinig gegevens voorhanden. Mogelijk werd het orgel gemaakt voor de Rooms-katholieke schuilkerk De Lelie in Amsterdam, aangezien het bewaarde front sprekend lijkt het orgel van deze kerk zoals dat op een gravure uit 1761 te zien is. Pas vanaf 1820 zijn er meer gegevens over het Steenwijkse orgel voorhanden. In dat jaar plaatsten A. van Gruisen en Zoon een orgel in de Doopsgezinde Kerk te Zuidveen (bij Steenwijk). Dit kerkgebouw werd in 1848 opgeheven en gesloopt, waarna in Steenwijk een nieuwe Doopsgezinde Kerk verrees. Het oude orgel verhuisde mee. Ruim tien jaar later, in 1860, voerde de firma L. van Dam & Zonen herstelwerkzaamheden uit waarbij tevens de oude spaanbalgen werden vervangen door een magazijnbalg. In 1896 werd het huidige instrument gebouwd. Het oude binnenwerk kreeg een nieuwe bestemming in de Gereformeerde Kerk te Winsum (Friesland). Achter het oude viervoets front, dat overigens zijn oude frontpijpen verloor, verrees een nieuwe gesloten kast die tot aan het plafond van het kerkgebouw reikt. Het éénklaviers orgel met aangehangen pedaal dat in deze kast werd geplaatst, bleef in de loop der jaren nagenoeg ongewijzigd. Bij schoonmaak- en herstelwerkzaamheden in 1949, uitgevoerd door Bakker & Timmenga, werd een Cornet III D toegevoegd.

De dispositie: Manuaal (C-f3): Prestant 8 (C-Dis eiken, c-h front), Voix Celeste 8 (C-H gecombineerd met Prestant), Viola di Gamba 8 (C-H gecombineerd met Holpijp), Holpijp 8 (C-H eiken), Octaaf 4, Fluit 4, Gemshoorn 2 (conisch), Cornet III D (samenstelling 4 - 2 2/3 - 1 3/5). Aangehangen pedaal (C-c1). Ventiel. Winddruk: 76 mm wk. Toonhoogte: a1 = 434 Hz bij 19 ° C. Temperatuur: evenredig zwevend.

Bron: Orgelmakerij Bakker & Timmenga, adviseur Jan Jongepier, Hans van Nieuwkoop (red.), Het Historische Orgel in Nederland I (1726-1769), Wormer 1997, 193-195