Koninklijke Nederlandse Organisten Vereniging

Orgelkunst & Internet februari 2006

‘Het is Jahnns ongeluk dat hij te laat geboren is. Had hij in de Renaissance geleefd, dan was hij in zijn tijd geboren. En dus zal hij het altijd moeilijk hebben.’ Dat schreef Albert Schweitzer over Hans Henny Jahnn (1894- 1959), de man die ervoor zorgde dat de Orgelbeweging daadwerkelijk in beweging kwam. De energie daartoe ontleende Jahnn aan zijn levensbeschouwing: hij meende dat de christelijke religie zich met haar van bloedvergieten doordrenkte geschiedenis had gediskwalificeerd, maar bleef ervan overtuigd dat het goddelijke dat uit de schepping sprak levensbepalend was – en dat beeldende kunst, muziek, literatuur, architectuur en andere kunstvormen dienden om dat duidelijk te maken. Het bepaalde wat hij als zijn levenstaak zag: hij wilde het ‘goddelijke principe’ onder meer in artistieke puurheid tonen. Wat orgels betrof, betekende dat voor hem dat elementen uit de 17de-eeuwse orgelbouw essentieel waren voor nieuwe orgels; maar ook dat nieuwe ideeën, over bijvoorbeeld mannelijkheid en vrouwelijkheid bij registers, belangrijk waren. Als architect ontwierp hij ‘Kultstätten’ voor zijn ‘geloofsgemeenschap’ Ugrino. Als literator publiceerde hij ettelijke romans, gekenmerkt door een scherp en helder perspectief op intermenselijke verhoudingen.
Intussen haakte Jahnn aan bij wat er in de maatschappij gebeurde: hij stelde zich teweer tegen uitbuiting van mens en dier, vluchtte tijdens de Eerste Wereldoorlog als pacifist naar Denemarken en protesteerde na de Tweede tegen atoomwapens.
Geen wonder dus, om Schweitzer te parafraseren, dat de orgelwereld hem ook vandaag nog niet begrijpt. In die wereld blijft kritiek op het christendom immers grotendeels ongehoord, speelt literatuur nauwelijks een rol en is eerder sprake afzijdigheid van de maatschappij dan van integratie. Gelukkig is er nu de site www.hans-henny-jahnn.de  onder meer opgezet als poging om de beroemde auteur ook in de orgelwereld de erkenning te geven die hij zonder meer verdient. Frappant is dat veel medewerkers anoniem willen blijven: openlijk bewondering tonen voor Jahnn achten zij gevaarlijk voor hun carrière, zo meldde mij de initiatiefnemer.
HANS FIDOM