Orgelkunst & Internet oktober 2005
Het vervelende én het aardige van
e-mail is dat je zelfs uit Verweggistan post
kunt krijgen – of je daar nu om vraagt of
niet.
Meestal is het vervelend: weinig zo
ergerlijk als spam. Maar soms ook is het
juist aardig, zoals het mailtje dat ik vorig
jaar uit de Russische stad Saratov kreeg.
Keurig netjes was de aanhef: ‘Geachte
heren, excuseert u mij alstublieft dat ik
uw aandacht vraag, maar ik zou u willen
vragen ons te helpen bij het organiseren
van het concertseizoen 2005-2006 in
onze Grote Orgelzaal. (...) We nemen alle
onkosten in Rusland en de reiskosten
van Moskou naar onze stad voor onze
rekening. (...) We willen graag luisteren
naar verschillende musici uit andere
landen, die het op prijs stellen te spelen
in een met 500 orgelliefhebbers gevulde
concertzaal.’ Ik heb kort op dit verzoek
gereageerd, want het lijkt de redactie een
goede zaak dat Nederlandse organisten
veel ‘in den vreemde’ te horen zijn.
Eerlijk gezegd dacht ik daarna niet meer
aan deze mailwisseling. Totdat twee
organisten me meldden in Rusland te
gaan concerteren: Jan R. Luth en Ab
Weegenaar. Ze hadden net zo’n mailtje als
ik gekregen, maar dan uit Omsk. Jan Luth
speelt er dit najaar een Bachprogramma;
Weegenaar is er deze zomer geweest.
Ab Weegenaar vond inmiddels een
aardige manier om het wereldwijde web
voor de uitnodiging ‘te bedanken’: hij gaf
het reisverhaal er als het ware aan ‘terug’
door er een uitgebreid verslag op te laten
zetten door zijn assistent Marco van der
Werf. Een citaat
www.abweegenaar.nl
‘Sinds een aantal jaren organiseert men in
de concertzaal in Omsk een concertserie
waar we hier in Nederland van zouden
dromen. Organisten uit Frankrijk,
Engeland, Amerika, Japan en het oude
Europa concerteren vrijwel iedere maand
in Omsk. De Russische overheid geeft veel
geld uit aan cultuur. Het is de gewoonte
dat een organist twee concerten op twee
avonden achter elkaar verzorgt. In de
programmakeuze is men helemaal vrij.
Wel duren deze concerten elk bijna twee
uur. Zo krijgt men natuurlijk wel waar
voor het geld. Tsja, Siberië…’
[Hans Fidom]