Koninklijke Nederlandse Organisten Vereniging

Orgelkunst & Internet december 2004

Wie dacht dat de betekenis van internet voor de orgelcultuur zou afnemen, bijvoorbeeld omdat de gegevens die het biedt niet te controleren zijn en bovendien vaak verouderd, vergist zich: steeds opnieuw treffen we sites aan die voor deze of gene organist van belang kunnen zijn.
Schreef ik de afgelopen keer over informatie die internet biedt aan wie dyslectisch is en dus moeilijk noten kan lezen, dit keer werd ik geattendeerd op een site die de Stichting Gezondheidszorg voor Musici heeft opgezet.
De site gaat over lichamelijk klachten die juist onder musici voorkomen; je kunt zelfs naar een speciale bladzijde gewijd aan organisten surfen, waar maar liefst 23 soorten klachten gerubriceerd staan, van ‘knipmesvinger’ tot ‘kuipershand’.
Ook is het mogelijk via een reeks muisklikken in kaart te brengen aan welke fysieke problemen je moet denken wanneer je bepaalde klachten hebt. Ik moet er meteen bijzeggen dat de site nog in aanbouw is, maar het ziet er zeker veelbelovend uit; in ieder geval is het geen ‘zelfdokter’-site.
Het initiatief tot de site is genomen door de Nederlandse Toonkunstenaars Bond en het Medisch Centrum voor Dansers en Musici.
Het adres: www.muziekenzorg.nl 

Van een heel andere orde, maar evengoed bedoeld als service aan musici, is de site van Arjan Huizer, te vinden op het adres www.concertenpagina.nl.
Organisten, maar ook concertorganisatoren, kunnen hier hun concerten gratis opgeven.
Huizers openingspagina laat daartoe een formulier zien. De lijst concerten is niet in haar geheel te bekijken: wie iets weten wil, moet gericht zoeken (bijvoorbeeld naar concerten in Haarlem; er volgt dan een overzicht van die concerten).

Last but not least: de site van HET ORGEL zelf is opnieuw uitgebreid. Behalve een overzicht van het aanbod aan tweedehands orgels staan met ingang van deze krant de nieuwspagina’s in zogeheten ‘pdf-formaat’ op de site; dat wil zeggen dat ze er voortaan op het computerscherm net zo uitzien als op papier.

Hans Fidom
met dank aan Peter Ouwerkerk