Artikelen

 

Ronald Stolk Muziek in was en goud. Het organistisch universum van Jean-Louis Florentz
Het ORGEL 105 (2009), nr. 1, 10-21 [samenvatting]


Jean-Louis Florentz (1947–2004) was componist en etnomusicoloog. Een synergie van Afrikaanse en Europese elementen is karakteristiek voor zijn oeuvre, dat naast muziek voor orkest, koor, en violoncello ook vier orgelwerken omvat. In deze orgelwerken worden Afrikaanse elementen niet slechts als ‘citaten’ gebruikt; ze zijn bepalend voor de muzikale vorm en het idioom. Het resultaat is een uiterst gedifferentieerde muzikale ‘vertelkunst’ waarin Afrikaanse elementen versmolten zijn met elementen uit de Franse symfonische orgelmuziek.
Door de zevendelige opzet van Laudes (opus 5) en de wisselende moeilijkheidsgraad van de delen is deze cyclus het meest geschikt om met Florentz’ muziek kennis te maken. Opmerkelijk in Laudes is een geheel nieuw gebruik van aliquoten. Florentz had uitgesproken ideeën over ‘het orgel van de toekomst’ en karakteristiek voor zijn ideale orgel was een groot palet aan vulstemmen.
Laudes is het middendeel van Le Livre du Pacte de Miséricorde (Boek van het Verbond van Ontferming), een groots opgezette triptiek die Florentz componeerde als een – op de Ethiopische liturgie geïnspireerde – officie ter ere van Maria. Het eerste en laatste deel van de triptiek zijn composities voor vocale solisten, koor en orkest. De drie delen van het Livre zijn overwegend gebaseerd op Ethiopische teksten. Tegelijkertijd zijn ze een muzikaal commentaar op de geheimen van de Rozenkrans, waarbij Laudes de Droevige Geheimen overweegt. De zeven delen van Laudes zijn ‘muzikale iconen’ van de maagd die over de vervolgde kerk in Ethiopië treurt. Maar uit de muziek spreekt ook hoop en verwachting.
Het Livre du Pacte de Miséricorde zit boordevol Ethiopische en Westerse symbolen en verwijzingen. In verband met dit netwerk van allussies spreekt Florentz van ‘la technique de cire et or’ (de techniek van was en goud).