Artikelen

 

Jan R. Luth Waarom zingen we lager?
Het ORGEL 97 (2001), nr. 6, 22-24 [samenvatting]

 

Veel kerkmusici merken dat gemeenteleden moeite hebben om d2 te zingen. Was dat vroeger anders en zo ja, hoe is de verandering te verklaren?

Uit de geschriften van Van Blankenburg (1745), Kist (1840), Van der Dussen (1848) blijkt dat zowel hoger als lager dan vandaag werd gezongen. In koraalboeken uit de 18de en de 19de eeuw is de toonhoogte gelijk aan of hoger dan die van vandaag. Bronnen zijn de boeken van Witvogel (1730), Stechwey (1770), Michelet (1771), Potholt (1777), Van Eem (1780), Ruppe (1806), Hauff (1837), Bastiaans (1852), Worp (1892).

De orgels hadden eveneens vaak een andere toonhoogte dan a1 = 440 Hz: Grote Kerk Alkmaar (415 Hz), Westerkerk Amsterdam (460), Oude Kerk Amsterdam (465), Pieterskerk Leiden, Stevenskerk Nijmegen, St.-Maartenskerk Zaltbommel (alledrie 415), Bovenkerk Kampen (gis1 = 435 Hz).

Op hoge orgels werd niet per definitie voor laag genoteerde melodieën gekozen.

We zingen vandaag dus inderdaad lager dan onze voorvaderen. Een verklaring is het gebrek aan zangoefening en behoefte aan zingen: in het algemeen onderwijs zong een gemiddelde leerling in de 19de eeuw per dag meer dan een volwassen kerkganger van nu per maand.