| Peter van Dijk | Het Van
Hagerbeer-orgel in de Pieterskerk te Leiden het ORGEL 96 (2000), nr. 1, 18-26 [samenvatting] |

In november 1998 werd het
gerestaureerde Van Hagerbeer-orgel in de Pieterskerk te Leiden weer in gebruik genomen.
Het oudste pijpwerk van het orgel dateert uit circa 1446. Verder is er materiaal bewaard
gebleven van met name Jan van Covelens (1518), Jan Jacobsz van Lin (1629) en Galtus en
Germer van Hagerbeer (1643). De broers Van Hagerbeer maakten een nieuwe hoofdkast, de
rugwerkkast van Van Lin bleef behouden. Na werkzaamheden door de broers Lohman (1847) en
Van Leeuwen & Zn. in 1946 was het orgel aanzienlijk veranderd. In 1975-1982 werd de
Pieterskerk gerestaureerd. Jan van Biezen en Hans van Nieuwkoop ontwikkelden in 1986 een
restauratieplan op basis van historisch onderzoek voor het orgel. Na een symposium in 1988
en het aantreden van Koos van de Linde als derde adviseur, koos men ervoor de situatie in
1643 te reconstrueren. Enkele toevoegingen uit latere tijd van Duyschot (rond 1691) en van
Assendelft (1744) konden gespaard blijven. Verschueren Orgelbouw restaureerde het orgel in
1994-1998 af. Opmerkelijk zijn de compromisloze middentoonstemming, de omvang van het
Hoofdwerk (af contra F) en sensible windvoorziening. Het orgel klinkt majesteitelijk. Elke
grondstem vertegenwoordigd ook alleen een fascinerende klankwereld, registraties volgens
16de-/17de-eeuwse receptuur klinken buitengewoon goed.