Het nieuwe orgel in 'De Oerdracht'
te Joure
Het ORGEL 94 (1998), nr. 2, 27-30
[samenvatting]
In april 1997 werd het nieuwe orgel in 'De Oerdracht' in Joure, gebouwd door Orgelmakers
Gebr. Reil (Heerde), in gebruik genomen. Jan Jongepier trad op als adviseur. Het orgel dat
Reil in 1984 voor 'De Oerdracht' bouwde ging samen met de kerk in vlammen op.
Orgelmakers Gebr. Reil kozen niet voor een stilistisch gebonden concept. Ze pasten hun
eigen huisstijl toe, waarin elementen uit de 18de-eeuwse orgelbouw zijn samengevoegd tot
een eenheid. Het orgel kreeg een moderne vormgeving die aansluit bij de architectuur van
de kerk.
Het orgel telt 25 stemmen op mechanische sleepladen voor Hoofdwerk, Rugwerk en Pedaal. De
laden zijn niet rechthoekig: de cancellen voor de laagste tonen zijn langer dan die voor
hoogste. Dit resulteert in een fellere toonvorming in de discant. Twee spaanbalgen
verzorgen de wind, die soepel en lenig elke frasering ondersteunt. De prestanten van het
Hoofdwerk zijn breder, die van Rugwerk spitser van toon. De rugwerkprestant is niet echt
geschikt voor spel in 8va bassa, bijvoorbeeld in barokke trio's; de overgang naar de
dubbele discant is dan te duidelijk. De Sesquialter is bruikbaar in zowel plenum- als
solospel.
De fluiten zijn goed gevarieerd. Prachtig is de door Christian Müller geïnspireerde
Viola di Gamba. Ook de tongwerken zijn goed van karakter en aanspraak. De registers mengen
goed. De Fagot is geschikt voor basso continuolijnen, bassolo's en voegt grandeur toe aan
het plenum.