Kan me helemaal vinden in het verhaal van Wietse. Het is ook opvallend dat voor zover de Nederlandse orgelbouwers nog iets in het buitenland betekenen dit praktisch altijd reconstructie of historiserende nieuwbouw is, waarbij de eigentijdse elementen (denk aan ergonomie, registratiegemak en frontontwerp) wat onbeholpen of zelfs in het geheel niet aanwezig zijn. Ook bij restauraties kiest men vaak voor de meest 'veilige' weg: reconstructie naar een bepaald tijdperk in de geschiedenis van het instrument, soms tot in het rigide (zoals we in hetzelfde nummer van Het Orgel kunnen lezen bij het orgel van Esch, waar een aangehangen pedaal wordt verwijderd!).
De Nederlandse orgelbouwers zijn beslist kundig, we hebben intonateurs op topniveau (Jan Koelewijn, Gerrit Jansen, Aart de Haan om er enkele te noemen). Een Noordduits geinspireerd barokorgel lijkt voor vele orgelbouwers een 'makkie'. Ook in een land als Frankrijk onderkent men de charme van een dergelijk orgeltype. Ik heb van de fa. Pesce Frères verschillende van dit soort orgels bespeeld en was zeer onder de indruk. Het verschil is alleen dat de orgels van Pesce zijn ingericht op de praktijk: uiterst precieze touchers, geen logge toetsen, net genoeg diepgang, verstelbare orgelbanken, koppelingen als treden, pedaalklavier parallel aan de BDO-norm en een inspringend knietschot). Je zit er als een vorst achter en bent er snel op thuis. Ik vraag me trouwens ook af hoeveel Nederlandse organisten nu echt kennis nemen van wat er in het buitenland (en dat buitenland is héééél groot) wordt gebouwd. Te snel worden, v.w.b. Duitsland, de namen Klais, Seifert en bijv. Jann genoemd, maar wie kent Claudius Winterhalder, Fischer & Krämer, Hey of Heintz? Stuk voor stuk bouwers van wiens produkten ik diep onder de indruk ben gekomen de afgelopen jaren.
Het historische orgelpatrimonium en de soms aan het hysterische grenzende behoudzucht is een lust maar ook een last. Ondertussen moeten de weinige orgelstudenten die Nederland nog heeft wel kunnen blijven studeren, en dan niet alleen maar Sweelinck, Bach of Buxtehude. Vinden we het gek dat zoveel mensen zich thuis terugtrekken achter hun Hauptwerkplacebo?